Stads- en Wijkmonitor 2020

Programma's

Economie en Toerisme

Beroepsbevolking

Onder de 98.000 zielen tellende Nijmeegse beroepsbevolking zijn er heel veel mensen met een hoog opleidingsniveau. Juist de laagopgeleiden hebben het moeilijk op de arbeidsmarkt.

Ongeveer 98.000 mensen in de beroepsbevolking

De beroepsbevolking in Nijmegen, het aantal mensen tussen 15 en 75 dat werkt of wil werken, stijgt al jaren. In de periode 2003-2019 bedroeg de totale toename ongeveer 15.000 personen, tot een beroepsbevolking van 98.000.
Ongeveer 70% van de bevolking tussen 15 en 75 is “actief” is op de arbeidsmarkt. Onder degenen die buiten de beroepsbevolking vallen nemen de 65 tot 74-jarigen een belangrijk aandeel in: veel van hen hebben niet meer de bedoeling of wens te werken. 65-minners die niet tot de beroepsbevolking horen zijn bv mensen die fulltime een opleiding volgen, arbeidsongeschikt zijn of huisman/vrouw zijn.


Figuur: Beroepsbevolking 15-74 jaar in Nijmegen. Bron: CBS.

Verreweg het grootste deel van de beroepsbevolking is ook aan het werk: zo’n 94.000 mensen. Ook deze groep is sinds 2003 flink gegroeid, waarbij de grootste toename te zien was in de jaren 2004-2007, en in de periode 2016-2018
Niet iedereen die wil werken heeft ook werkelijk werk, 4% van de beroepsbevolking, ongeveer 4000 mensen, is werkloos. Na een flinke stijging in de crisisjaren (van 4000 werklozen in 2009 naar 9000 werklozen in 2013) is het aantal werklozen de laatste paar jaar weer aan het dalen.

De Nijmeegse beroepsbevolking is wat jonger dan gemiddeld in Nederland, maar het opvallendste kenmerk is het hoge opleidingsniveau: in Nijmegen is meer dan de helft van de beroepsbevolking hoog opgeleid (HBO of WO) terwijl voor Nederland als geheel voor een kleine 40% geldt.
Deels is dit te verklaren door de opleidingsfunctie die Nijmegen heeft: veel mensen ronden hier een hogere opleiding af. Ook in de andere kennissteden zie je dat het aandeel jongeren en hoger opgeleiden binnen de beroepsbevolking bovengemiddeld is. Maar zelfs in vergelijking tot die steden steekt het Nijmeegse aandeel hoog opgeleiden positief af.

 

Nijmegen

kennissteden

Nederland

15-24

20%

19%

16%

25-44

44%

44%

40%

45-74

35%

36%

44%

laag

14%

17%

21%

midden

32%

36%

41%

hoog

54%

47%

38%

Figuur: Beroepsbevolking naar leeftijd en opleidingsniveau, 2019. Bron: CBS.

Werkloosheidscijfers verbeteren

Het werkloosheidspercentage wordt bepaald door het aantal mensen op zoek naar werk te delen door de totale beroepsbevolking. Voor beide groepen, werkzoekenden en beroepsbevolking, bestaat geen goede registratie en wordt de omvang door het CBS in een enquête bepaald. Kenmerk van deze werkwijze is dat in de uitkomsten rekening gehouden moet worden met marges rond de cijfers.


Figuur: Werkloosheidspercentage Nijmegen en Nederland. Bron: CBS.

De ontwikkeling van het (door het CBS geschatte) werkloosheidspercentage in Nijmegen en Nederland vertoont grote overeenkomsten: een forse daling in de jaren 2005-2008, gevolgd door een, door de crisis veroorzaakte, stijging in de jaren 2009-2013. In 2014 sloeg deze negatieve trend om en daalde het werkloosheidspercentage. Vanaf dat moment vertoont zowel het Nijmeegse als het Nederlandse werkloosheidscijfers een continu dalende lijn. In 2019 ligt het Nijmeege werkloosheidspercentage op 4%. Het werkloosheidspercentage in Nijmegen ligt door de jaren heen steeds 0,5 tot 2% boven het landelijk gemiddelde.

Werkloosheid tussen steden vergeleken

Het werkloosheidspercentage in Nijmegen ligt over het algemeen iets boven het Nederlandse gemiddelde. Dit is ook het geval in de andere kennissteden, wanneer je het gemiddelde werkloosheidspercentage van deze steden bekijkt.

Figuur Werkloosheidspercentage. Bron: CBS.

Van stad tot stad gezien kunnen er toch verschillen optreden:  In Groningen  is het werkloosheidspercentage een stuk hoger dan in Nijmegen, in de meeste andere kennissteden juist iets lager.

Werkloosheid naar opleiding en leeftijd: Nijmeegse laagopgeleiden vaak werkloos

Omdat de werkloosheidsgegevens van het CBS gebaseerd zijn op een steekproefonderzoek moet je, zeker naarmate je gegevens op lagere geografische niveaus (zoals voor Nijmegen) en voor deelgroepen (naar leeftijd of opleiding) gebruikt rekening houden met steeds grotere marges. De hierna volgende gegevens over werkloosheid naar leeftijd en opleiding zijn indicaties, geen exacte weergaven van de werkelijkheid.
Opleidingsniveau is een belangrijke indicator voor kansen op de arbeidsmarkt. Zoals in de figuur te zien is, is werkloosheid onder mensen met een lage opleiding (dat wil zeggen zonder startkwalificatie) vele malen hoger dan bij mensen met een hoge opleiding. In Nijmegen is zo'n 2% van de hoog opgeleide beroepsbevolking werkloos, tegen meer dan 10% van de laag opgeleide beroepsbevolking.
Het patroon dat laagopgeleiden een hogere werkloosheidskans lopen dan hoogopgeleiden doet zich in heel Nederland voor. Echter, in de kennissteden, en zeker in Nijmegen is dit effect veel sterker dan gemiddeld.


Figuur: Werkloosheidspercentage naar opleidingsniveau, 2018/2019. Bron: CBS.

De positie van jongeren op de arbeidsmarkt is altijd kwetsbaar en zeer gevoelig voor conjuncturele schommelingen. Zij staan aan het begin van hun carrière en moeten vaak nog een baan vinden. In tijden waarin het economisch minder goed gaat komen zijn als eerste in problemen. Landelijk zie je dan ook dat het cijfer voor jeugdwerkloosheid meestal ruim boven het algemene werkloosheidscijfer ligt.

Figuur: Werkloosheidspercentage naar leeftijd, 2018/2019. Bron: CBS.

Ook in Nijmegen is de werkloosheid onder jongeren hoger dan in de oudere leeftijdscategorieën. De verhoudingen in Nijmegen en de andere kennissteden lijken daarbij sterk op die in Nederland als geheel.

ga terug
Deze pagina is gebouwd op 05/07/2020 11:34:54 met de export van 05/07/2020 11:26:38